- De rekening op basis van een standaardtarief stijgt van € 66,63 naar € 77,84
- Waarom elektriciteit in juli plotseling duurder werd
- Kan een belastingverlaging in augustus de stijging verzachten?
- Klanten met een PVPC-contract of een contract met geïndexeerde tarieven lopen het grootste risico
- Het volgende belangrijke moment met betrekking tot belastingen is in september
Bij de stijging van 17 procent wordt ervan uitgegaan dat een huishouden precies evenveel elektriciteit heeft verbruikt als in juni. Na wekenlang koelen van de woning kan de werkelijke stijging voor sommige klanten met een gereguleerd tarief hoger uitvallen, terwijl klanten met een vast tarief voorlopig mogelijk beschermd zijn.
1. De rekening op basis van een standaardtarief stijgt van € 66,63 naar € 77,84.
Een gemiddeld huishouden met het Spaanse gereguleerde elektriciteitstarief is in juli € 11,21 meer kwijt, nog voordat er rekening is gehouden met een eventuele toename van het verbruik. De consumentenorganisatie OCU heeft berekend dat een huishouden met een gecontracteerd vermogen van 4,6 kilowatt en een maandelijks verbruik van 292 kilowattuur in juli € 77,84 zou betalen.
Voor datzelfde huishouden en verbruik bedroeg de rekening in juni nog € 66,63. Dit komt neer op een stijging van 16,8 procent als gevolg van gewijzigde elektriciteitsprijzen, nog los gezien van een eventueel hoger stroomverbruik.
De uiteindelijke rekening hangt af van het verbruik, het gecontracteerde vermogen en het tarief. Wie tijdens de extreme hitte van juli vaker de airconditioning heeft gebruikt, kan echter aanzienlijk meer betalen dan het genoemde bedrag.
De berekening heeft specifiek betrekking op de “Precio Voluntario para el Pequeño Consumidor” (PVPC), het gereguleerde elektriciteitstarief in Spanje. Uit het meest recente marktoverzicht van de Spaanse energietoezichthouder bleek dat eind 2024 ongeveer 8,4 miljoen klanten, oftewel 28,5 procent van het totaal, nog steeds gebruikmaakten van het PVPC-tarief.
2. Waarom elektriciteit in juli plotseling duurder werd
Volgens de consumentenorganisatie OCU steeg de gemiddelde groothandelsprijs voor elektriciteit in Spanje in juli met 51 procent tot € 104,75 per megawattuur, het hoogste maandgemiddelde sinds februari 2025. De organisatie schreef een groot deel van deze stijging toe aan de onzekerheid over de gastoevoer tijdens de aanhoudende crisis in het Midden-Oosten. Gascentrales spelen nog steeds een rol bij het bepalen van de elektriciteitsprijs in Spanje op momenten dat hernieuwbare energiebronnen niet in de vraag kunnen voorzien. Ook de zomerse omstandigheden zorgden voor extra druk. Hoge temperaturen leidden tot een grotere vraag doordat koelsystemen werden ingeschakeld, terwijl extreme hitte het rendement van zonnepanelen kan verminderen. Dit betekende dat er op bepaalde momenten meer een beroep moest worden gedaan op gasgestookte STEG-centrales (gecombineerde cyclus).
Voor PVPC-klanten had de stijging nog sterker kunnen uitvallen. Volgens de herziene formule van dit tarief is 45 procent van de berekening van de energiekosten gekoppeld aan de dagelijkse groothandelsmarkt, terwijl de overige 55 procent gebaseerd is op stabielere referentieprijzen van de termijnmarkt. Dit systeem werd ingevoerd om het gereguleerde tarief minder gevoelig te maken voor plotselinge schommelingen in de groothandelsprijzen. In juli zorgde het systeem er echter voor dat de prijsstijging werd getemperd, maar niet volledig werd voorkomen.
3. Kan een belastingverlaging in augustus de stijging verzachten?
De Spaanse noodwetgeving van juni bevatte een mechanisme dat de btw op elektriciteit in augustus had kunnen verlagen naar 10 procent en de speciale elektriciteitsbelasting naar 0,5 procent. De regels in de Spaanse Staatscourant schreven echter voor dat de elektriciteitscomponent van de consumentenprijsindex (CPI) over juni met meer dan 15 procent moest stijgen voordat deze verlagingen in werking konden treden. Die drempelwaarde werd niet gehaald. Volgens de OCU blijven voor elektriciteitsrekeningen in augustus daarom de gebruikelijke belastingtarieven gelden, waaronder 21 procent btw en de standaard speciale elektriciteitsbelasting van ongeveer 5,11 procent.
Het uitblijven van de verlaging was niet de oorzaak van de door de markt gedreven stijging van 16,8 procent. Dit betekent dat de voorwaardelijke belastingverlichting huishoudens er niet tegen zal beschermen.
4. Klanten met een PVPC-contract of een contract met geïndexeerde tarieven lopen het grootste risico
Klanten met een PVPC-contract of een contract op de vrije markt dat direct gekoppeld is aan groothandelsprijzen, zijn het meest blootgesteld aan de recente prijsstijging.
Bij een contract op de vrije markt met een werkelijk vaste prijs zou een dergelijke directe tariefwijziging niet moeten optreden. Volgens de nationale toezichthouder CNMC mogen energieleveranciers een overeengekomen vaste prijs niet wijzigen voordat het contract afloopt.
Een hoger verbruik leidt echter wel tot een hogere rekening, en bij contractverlenging kunnen nieuwe tarieven van kracht worden.
Klanten kunnen het type tarief terugvinden op hun elektriciteitsrekening. PVPC-klanten worden beleverd door een zogenaamde 'comercializadora de referencia' (referentieleverancier), terwijl bij contracten op de vrije markt doorgaans de specifieke commerciële tariefnaam wordt vermeld.
Dit onderscheid is bij velen onbekend en verdient extra aandacht. Uit een onderzoek van de CNMC onder huishoudens bleek dat 52,2 procent van de huishoudens het verschil tussen de gereguleerde en de vrije elektriciteitsmarkt niet kende. Een handig hulpmiddel voor consumenten is het officiële CNMC-platform 'Entiende tu factura' (Begrijp uw factuur). Dit is toegankelijk via de QR-code op veel elektriciteitsrekeningen en biedt inzicht in de leverancier, het tarieftype en de einddatum van het contract.
5. Het volgende belangrijke moment met betrekking tot belastingen is in september
De fiscale beschermingsmaatregel van de overheid wordt in augustus opnieuw beoordeeld op basis van het inflatiecijfer voor elektriciteit van juli. Als dit cijfer op jaarbasis met meer dan 15 procent is gestegen, kunnen in aanmerking komende leveringen in september onder het btw-tarief van 10 procent en de verlaagde elektriciteitsbelasting vallen. Is dit niet het geval, dan blijven de standaardtarieven van kracht.
Tot die tijd is het belangrijk om op de factuur vooral naar het eigen tarief te kijken en niet naar het landelijk gemiddelde. Het bedrag van € 77,84 is gebaseerd op een voorbeeld met een gereguleerd tarief en een ongewijzigd verbruik. Huishoudens die tijdens de recente hittegolven meer elektriciteit hebben verbruikt om hun woning koel te houden, zullen waarschijnlijk een hoger eindbedrag zien.